Kali Mudra
Een gebaar van begrenzing, loslaten en innerlijke kracht
Wanneer deze oefening niet passend is:
Bij acute paniek, dissociatie of sterke innerlijke onrust kan deze oefening te intens zijn. In dat geval is het beter om haar over te slaan en te kiezen voor een eenvoudige, rustige ademhaling.
→ Hier vind je een eenvoudige ademhalingsoefening
In de yoga- en ademtraditie worden mudra’s gezien als eenvoudige handgebaren die invloed hebben op aandacht, adem en lichaamsbeleving. Ze zijn geen techniek om iets te bereiken, maar een manier om een bepaalde kwaliteit in het lichaam toe te laten.
De Kali mudra wordt vaak geassocieerd met begrenzing en loslaten. Niet als kracht zetten of doorduwen, maar als het vermogen om te voelen waar iets eindigt — en waar ruimte mag ontstaan. De mudra verwijst naar Kali, die staat voor transformatie en het doorsnijden van wat niet langer dient.
Het gebaar
Gebaar: Kali mudra
Bij de Kali mudra worden de vingers in elkaar gevlochten, met de wijsvingers samen gestrekt. De linkerduim ligt boven de rechterduim, zoals gebruikelijk binnen de yogatraditie, waarin de linkerzijde wordt verbonden met de ontvangende, vrouwelijke kwaliteit die bij Kali hoort.
De handen zijn voor de onderbuik, met de wijsvingers naar voren gericht. Dit brengt de aandacht vanzelf naar het midden van het lichaam en naar de adem.
Voorbereiding: verzamelen
Neem eerst een paar rustige ademhalingen. Laat de adem zakken in de buik. Breng dan zachtjes in je aandacht wat je wilt loslaten: een gedachte, een emotie, een situatie of een gevoel van spanning. Je hoeft het niet te analyseren of op te lossen — alleen te verzamelen.
Wanneer je voelt dat dit aanwezig is, ga je over naar de beweging.
Het zwaard van Kali
Breng bij de inademing je armen omhoog, met de Kali mudra boven je hoofd.Bij de uitademing maak je een duidelijke neerwaartse beweging, alsof je met een zwaard door de ruimte snijdt. De wijsvingers wijzen naar de vloer.
Laat met elke neerwaartse beweging los wat je hebt verzameld. Niet door het weg te duwen, maar door het bewust te laten gaan. Herhaal deze beweging 2 tot 4 keer, in je eigen tempo.
Verdieping (optioneel)
Merk je dat dit te intens aanvoelt of dat je onrustig wordt, sla deze verdieping dan over en blijf bij de beweging zonder geluid.
Bij de neerwaartse beweging strek je de tong uit en laat je bij de uitademing geluid ontstaan. Het geluid hoeft nergens op te lijken — laat het vanzelf komen. Deze combinatie van beweging, adem en geluid kan het loslaten verdiepen.
Afronding
Na de herhalingen keer je terug naar het midden. Laat je handen rusten op de onderbuik en sluit eventueel de ogen. Blijf een moment zitten of staan en voel na.
Wat is er veranderd? Wat is lichter geworden? Wat is stiller?